Op de dag van de grote "rentrée" van de Artiesten in residentie aan de Muziekkapel Koningin Elisabeth vond het eerste van twee openingsconcerten plaats. Om het nieuwe seizoen, getiteld "Utopia", extra feestelijk in te zetten, kregen we een keuze aan prachtige werken te horen, uitgevoerd door enkele Meesters in residentie samen met de Artiesten in residentie aan wie ze lesgeven. Dat staat natuurlijk weer garant voor absolute topkwaliteit!
Meester in residentie Frank Braley mag samen met Artiest in residentie Arthur Hinnewinkel de spits afbijten. De pianisten spelen de Fantasie in fa mineur D. 940 van Franz Schubert, voor piano vierhandig. Deze Fantasie behoort zonder twijfel tot de mooiste werken ooit geschreven voor piano vierhandig en wordt bovendien gerekend tot de meest intieme bladzijden uit het oeuvre van de componist. Schubert droeg het werk op aan zijn eeuwige liefde Caroline Esterhazy, en stelde zich geregeld hardop de vraag of er wel één werk van zijn hand bestond dat niet aan haar was opgedragen... Dat Schubert dit werk schreef niet lang voor zijn dood, geeft de intensiteit waarmee we het vandaag beleven een extra dimensie. Frank Braley en Arthur Hinnewinkel brengen een beklijvende, doorleefde vertolking van dit prachtige werk, dat vanaf de karakteristieke openingsmaten klinkt als een muziekdoosje: de perfectie nabij, en doordrenkt van een immense feeling.
Daarna zien we Arthur Hinnewinkel terug aan de piano, ditmaal samen met de Meesters in residentie Miguel da Silva (altviool) en Sophie Koch (mezzosopraan). Zij brengen het Geistliches Wiegenlied, Andante con moto, van Brahms, genomen uit de 2 Gesänge op. 91. We horen een verfijnde vertolking van dit prachtige wiegenlied, dat de musici op het lijf geschreven lijkt. De combinatie van altviool, piano en stem vind ik trouwens bijzonder boeiend, en dit lied betekende voor mij een echte ontdekking!
Het concert vervolgt met twee werken van Antonín Dvořák. We horen Miguel da Silva terug, ditmaal samen met Raphaël Garac (viool) en Esther Yang (viool), in het Terzetto op. 74, eveneens een ontdekking voor mij. Nadat Dvořák enkele jaren geen kamermuziek meer had geschreven, hervatte hij het genre met dit op. 74, dat door velen gesmaakt werd en nog steeds wordt. Het is een indringende partituur, die met verve wordt gespeeld door da Silva, Garac en Yang: een niet-alledaags werk dat we mogen horen dankzij al het harde werk binnen de Muziekkapel.
Als kers op de taart horen we Augustin Dumay (viool) samen met Esther Yang (viool), Andrew Byun (cello) en Frank Braley aan de piano, voor de Bagatelles op. 47 van Dvořák. De componist verwerkte in de partituur, die op vraag van een bevriende violist werd geschreven, enkele populaire Tsjechische melodieën. Oorspronkelijk schreef Dvořák het werk voor harmonium, cello en viool, omdat de violist van wie de opdracht kwam thuis enkel over een harmonium beschikte. Interessant dus om het werk met piano te horen, en meteen ook nieuwsgierig geworden naar de versie met harmonium. Het kwartet weet de Bagatelles in elk geval op een meer dan waardige manier uit te voeren. Andermaal topkwaliteit, die een mooi einde breit aan een prachtige concertavond in Waterloo. Het seizoen is alvast uitstekend van start gegaan, daar bestaat geen twijfel over!
Reacties
Een reactie posten