Voor de zestiende keer organiseert de Muziekkapel Koningin Elisabeth een tweedaags festival dat opnieuw voor uitverkochte zalen zorgt. Het festival, dat dit jaar gebouwd is rond het thema “4 elementen”, brengt een rijk gevulde programmatie voor jong en oud. Kamermuziekconcerten, symfonische werken, lezingen en masterclasses wisselen elkaar af. Voor ieder wat wils, en een absolute aanrader voor de klassieke muziekliefhebber die houdt van verfijnde, intense uitvoeringen.
| (c) Music Chapel |
De dag start al vroeg, rond het middaguur, met een optreden van Quatuor Elmire. Dit ensemble bestaande uit David Petrlik (viool), Yoan Brahkha (viool), Hortense Fourrier (altviool) en Rémi Carlon (cello) is sinds enkele jaren in residentie in de Muziekkapel. Het jonge kwartet heeft in korte tijd opvallend veel maturiteit opgebouwd, en het is een waar genoegen om hen voor het eerst live aan het werk te horen in een bijzonder verzorgd programma. Ze openen met Mozarts Strijkkwartet nr. 14, K. 387, het eerste kwartet dat hij opdroeg aan Haydn. Het werk toont Mozart op het toppunt van zijn kunnen: opgewekt van sfeer, maar doorweven met het typische clair-obscur dat zijn stijl zo kenmerkt. Quatuor Elmire voelt die dubbelheid feilloos aan en levert een uitvoering tot in de puntjes. Vooral in het andante cantabile, het expressieve hart van het kwartet, tonen de musici hun uitzonderlijke klasse.
Daarna speelt het kwartet het Strijkkwartet nr. 7 van Beethoven. Toen het werk in 1809 voor het eerst werd opgevoerd, was het publiek niet mals. Men vond het het werk van een “gek”, maar Beethoven reageerde vastberaden: “Dit is geen muziek voor nu, maar voor later.”
Niet veel later prees Schumann het scherzo de hemel in: “Beethoven vindt zijn motieven op straat, maar hij maakt er wel de mooiste woorden mee.” En de rest is geschiedenis. Quatuor Elmire geeft een ongelooflijke warmte aan dit kwartet en toont wat voor een meester Beethoven was, en wat voor meesters van hun instrument zij zelf zijn. Blij dat ik hier getuige van mag zijn!
’s Avonds staan twee concerten op het programma. Het eerste is een pianorecital van de artiest in residentie Abel Hox, samen met zijn mentor Frank Braley. Tijdens een voorafgaande masterclass bieden ze het publiek een boeiende inkijk in hun interpretatie van Stravinsky’s Le Sacre du printemps in de versie voor twee piano’s, een fascinerende ervaring. Braley is een bevlogen verteller die met aanstekelijk enthousiasme enkele geheimen uit de partituur onthult.
Abel Hox opent het recital met Chopins Barcarolle op. 60. Dit meesterwerk staat als een huis, en in Hox’ handen schittert het eens te meer. Hij benut het rijke kleurenpalet van de compositie ten volle, en in de intimiteit van Studio 1 van Flagey klinkt het werk ronduit magistraal. Het behoort tot Chopins meest vooruitstrevende composities, en Hox geeft het precies die extra glanslaag die het verdient.
| (c) Music Chapel |
Daarna brengt Frank Braley een doorleefde vertolking van Debussy’s La cathédrale engloutie (Préludes, boek I, nr. 10). Zijn interpretatie is rijk aan verbeelding: met een beetje fantasie zie je de kathedraal haast uit het water oprijzen. Ook hij voelt zich hoorbaar thuis in de warme akoestiek van Studio 1 en schildert een klankbeeld dat Debussy’s evocatieve wereld volledig tot zijn recht laat komen.
Vervolgens spelen beide pianisten samen Le Sacre du printemps (K015) van Stravinsky, in een arrangement voor vier handen, een ware triomf. Dit technisch veeleisende werk lijkt hen op het lijf geschreven: de kleuren, gelaagdheid en ritmische intensiteit komen pas echt tot volle bloei wanneer twee topmusici samen aan één klavier zitten. De Muziekkapel bewijst opnieuw haar uitzonderlijke niveau.
Na dit schitterende recital volgt het openingsconcert, waarin het orkest Les Métamorphoses onder leiding van Raphaël Feye het podium betreedt. Ze openen met een bijzonder gesmaakte Symfonie nr. 39, Hob. I:39 van Haydn. Het orkest zet meteen de toon voor een avond van hoog muzikaal niveau, want wat volgt, is echte wereldklasse.
Cellist Alexander Warenberg speelt vervolgens een indrukwekkende uitvoering van Shostakovich’ Celloconcerto nr. 1. Vanaf de eerste noot grijpt hij het publiek vast, en laat het niet meer los tot de laatste klank is uitgestorven. Deze jonge cellist, die steeds vaker op internationale podia verschijnt, heeft een schitterende toekomst voor zich, dat staat buiten kijf. Zijn cadens is van zeldzame intensiteit: een van die concertmomenten waarop een zaal collectief de adem inhoudt.
Rino Yoshimoto (viool) vervolgt met een doorvoelde interpretatie van Weinbergs Concertino voor viool en strijkorkest op. 42, een werk dat minder bekend is maar door haar warme klank en rijke kleurenpalet meteen overtuigt.
Als kers op de taart volgt Poulencs Concerto voor twee piano’s. Een meesterwerk uit de modernere pianoliteratuur, gebracht door niemand minder dan Jonathan Fournel en Mirabelle Kajenjeri. Het resultaat is ronduit verbluffend. Zelden hoorde ik een uitvoering die zó verfijnd, sprankelend en perfect op elkaar ingespeeld was. Het enthousiasme spat zowel van de pianisten als van het orkest, en de precieze en energieke leiding van Raphaël Feye geeft het geheel een extra dimensie. Een waar vuurwerk van klank en expressie, een apotheose van formaat.
De toon voor het festival is gezet: dag 1 was onvergetelijk, en ik kijk nu al uit naar wat dag 2 zal brengen.
Reacties
Een reactie posten