Voor het laatste reguliere programma dat Ted Brandsen als directeur van Het Nationale Ballet heeft mogen samenstellen, heeft hij een beroep gedaan op drie wereldbefaamde choreografen die een nauwe band hebben met het Nationale Ballet in Amsterdam. Het gaat om David Dawson, Alexei Ratmansky en Krzysztof Pastor. Alle drie hebben ze een bijzonder emotioneel geladen choreografie voorzien voor dit programma en ze werken hiervoor samen met het prachtige Balletorkest onder leiding van Nathan Brock. Het publiek was diep onder de indruk!
| Refraction (c) Altin Kaftira |
De voorstelling wordt geopend met het succesvolle Empire Noir van David Dawson. Deze choreografie ging in wereldpremière bij Het Nationale Ballet in 2015 en wordt nu hernomen. Daar ben ik in elk geval bijzonder blij om, want over dit stuk had ik al veel gehoord. Op muziek van Greg Haines, die speciaal voor de Eduard van Beinum Stichting en Het Nationale Ballet het werk Empire Noir schreef, geven de dansers het beste van zichzelf. En dat mag echt letterlijk genomen worden, want dit werk van Dawson is bijzonder veeleisend voor de dansers.
De wereld waarin Empire Noir zich afspeelt, is zoals Dawson het zelf omschrijft: "iets groots, iets schimmigs, iets intens". David Dawson zoekt naar iets krachtigs en diep menselijks in deze choreografie, en dat voelt ook werkelijk zo aan. Je wordt helemaal meegezogen in de actie op het podium wanneer je deze choreografie bekijkt. Vijf duo's gaan een intense dialoog aan, en ik ben echt stomverbaasd door de ongelooflijke kracht die de dansers uitstralen: Lore Zonderman en Constantine Allen, Nina Tonoli en Timothy van Poucke, Alexandria Marx en Luca Abdel-Nour, Riho Sakamoto en Joseph Massarelli en natuurlijk Salome Leverashvili en Conor Walmsley. Vijf duo's die ik expliciet bij naam wil noemen, omdat ik de buitengewone kwaliteit van hun dans nauwelijks in woorden kan vatten. Deze opvoering had iets transcendent, en ook aan de reactie van het publiek merkte je dat de voorstelling echt binnenkwam en raakte.
De tweede choreografie in het drieluik is die van Alexei Ratmansky. Deze choreograaf kunnen we niet meer wegdenken uit de hedendaagse danswereld, en ook in Amsterdam zagen we al meermaals werk van zijn hand. Ratmansky is sinds het begin van de oorlog in Oekraïne politiek geëngageerd, in die zin dat hij het lijden van de Oekraïense bevolking niet meer kan loskoppelen van zijn creaties. Hij is er, zoals hij zelf zegt, elke dag mee bezig.
Ook voor Solitude gebruikte Ratmansky als basis een foto van een man die bij het dode lichaam van zijn dertienjarige zoon zit en die volgens de fotograaf urenlang de hand van zijn zoon heeft vastgehouden. Deze foto, die de wereld is rondgegaan, gaat door merg en been, net als de choreografie Solitude. We zien hetzelfde beeld als op de foto, met Giorgi Potskhisvili die de hand vasthoudt van Elias Valkier (van de Nationale Ballet Academie). Deze scène zorgt ogenblikkelijk voor een schokgolf in de zaal.
Ratmansky heeft naar eigen zeggen lang getwijfeld of hij deze foto, die zo realistisch en zo aangrijpend is, wel kon gebruiken zonder het "fake" te laten lijken. Het is in combinatie met de prachtige muziek van Mahler, de Begrafenismars uit Symfonie nr. 1 en het Adagietto uit Symfonie nr. 4, dat alle puzzelstukjes in elkaar vielen. Ook hier blinken de dansers uit in het verbeelden van emoties zonder ooit pathetisch te worden. Giorgi Potskhisvili blinkt uit in eenvoud en danst een heel andere rol dan de soms explosieve rollen die we van hem gewend zijn. We zien ook de Belgische Lore Zonderman terug, een prachtige en integere danseres, en ook Tristan Simpson valt mij op in deze indrukwekkende choreografie. Applaus ook voor de piepjonge Elias Valkier: hij levert een topprestatie op het grote podium van Het Nationale Ballet.
De laatste choreografie is Refraction, van Krzysztof Pastor, op muziek van Philip Glass. Op de tonen van het soms opzwepende Vioolconcert nr. 1 zien we een scènebeeld waarin "lichtbreking" centraal staat, met een soort reflecterende gordijnen en linten die zorgen voor bijzondere lichteffecten. Ook de dansers lijken mee te reflecteren in de kostuums van Tatyana van Walsum. Prachtig! In deze choreografie hebben Koko Bamford en Vsevolod Maievskyi een glansrol als duo, en ze worden ondersteund door het prachtige corps de ballet van Het Nationale Ballet. Daarin zitten enkele dansers die zeker een vermelding verdienen: Sven de Wilde, met zijn bijzondere lenigheid, Alexander Álvarez, een ongelooflijke danser, en Sebia Plantefève-Castryck, die voor mij ook echt tot de top behoort.
Ik ben telkens opnieuw verbaasd over de kwaliteit van werkelijk alle dansers bij Het Nationale Ballet, en het voelt bijna wrang om sommige mensen niet bij naam te noemen.
Dit was een bijzondere balletnamiddag, vol emotie. Het is een prachtige afsluiter van het reguliere balletseizoen in Amsterdam. Nu volgt nog het Gala. Daar kijken we natuurlijk enorm naar uit!
Reacties
Een reactie posten