Voor het nieuwjaarsconcert van HOGENT werd niemand minder dan Nikola Meeuwsen uitgenodigd in de Miry Concertzaal in Gent. Hij stond hier vorig jaar ook al op het podium, toen samen met zijn goede vriend, pianist Arthur Hinnewinkel, een week voor de aanvang van de Koningin Elisabethwedstrijd. Dat hij een maand later de wedstrijd zou winnen, had Nikola Meeuwsen nooit durven dromen. Maar kijk nu: talrijke concerten en recitals later is Meeuwsen opnieuw te gast in Gent, met een ambitieus en ronduit prachtig programma.
(c) Foppe Schut
Nikola Meeuwsen opent zijn recital met de Variations sérieuses van Mendelssohn. Dit virtuoze werk is, zoals we weten, een kolfje naar de hand van de jonge pianist. Zeventien variaties op één thema later stellen we vast dat niet alleen Mendelssohn een genie was, maar dat Nikola Meeuwsen werkelijk de gave van de betovering bezit. Het lijkt alsof de tijd even stilstaat, of juist razendsnel vooruit gaat, wie zal het zeggen. Meeuwsen bouwt grote spanningsbogen op en door zijn subtiele aanpak van dit veeleisende werk kan men in de zaal een speld horen vallen. Een prachtige prestatie.
Daarna is de Sonate in Es majeur K. 282 van Mozart aan de beurt. We betreden hier natuurlijk een heel ander muzikaal universum, maar ook daarin voelt Nikola Meeuwsen zich als een vis in het water. Hij creëert sfeer en speelt een bijzonder heldere, transparante sonate. Niets laat hij aan het toeval over, elke beweging lijkt doordacht en vanzelfsprekend. Opnieuw volgt een warm en verdiend applaus.
Vervolgens horen we het kortste werk van de avond, het Poème op. 32 nr. 1 van Scriabin. Muziek die ogenschijnlijk hedendaags klinkt en bij momenten bijna filmisch aandoet. Hier toont Nikola Meeuwsen zijn fijnzinnig gevoel voor esthetiek en kleur. Dit is geen gewoon pianospel, maar een echte piano-ervaring. En dan moet het hoogtepunt van de avond nog komen.
Dat hoogtepunt, het Carnaval op. 9 van Schumann, is een knaller van formaat. Dit werk, geschreven voor Schumanns geliefde nog voor hij Clara leerde kennen, die toen overigens nog een kind was, behoort tot de meest verleidelijke, fonkelende en gevarieerde composities die hij ooit schreef. Het was niemand minder dan Liszt die dit werk voor het eerst integraal uitvoerde. En als die het de moeite waard vond, dan zegt dat genoeg. Ook Nikola Meeuwsen laat er geen gras over groeien en zet zijn Carnaval in met een stevige, zelfverzekerde aanzet. Vanaf de eerste maat is duidelijk dat dit een uitzonderlijke uitvoering zal worden, en daarin worden we geen moment teleurgesteld. Van de meest intieme passages tot de uitbundige en virtuoze momenten, zoals de passage “Paganini”, valt er geen enkele inconsistentie te bespeuren. Het evenwicht dat dit werk vereist, lijkt een van Meeuwsens grootste sterktes. Hij doseert met een feilloos gevoel, waardoor de pianissimo’s en de dubbele fortes des te aanstekelijker klinken.
Nikola Meeuwsen, de dichter aan de piano. We hebben het de voorbije maanden vaak gelezen en deze avond opnieuw gehoord. Dat hij als toegift nog een intermezzo van Brahms aan het publiek schenkt, is alleen maar een groot cadeau! Bravo!
- Link ophalen
- X
- Andere apps
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Reacties
Een reactie posten