Domenico Scarlatti (1685–1757), de componist die zijn leven doorbracht tussen Portugal, Spanje en Italië, kende ik lange tijd uitsluitend omwille van zijn klavierwerken. Meer dan vijfhonderd sonates vloeiden uit zijn pen. Dat hij daarnaast ook bijvoorbeeld dertien opera’s componeerde, bleef voor mij verborgen tot ik over hem begon te lezen om mijn blog voor te bereiden. Zijn biografie laat zich niet altijd eenvoudig reconstrueren, maar één ding staat vast: hij schreef ook prachtige (religieuze) koormuziek. Het ensemble Le Caravansérail, onder leiding van Bertrand Cuiller, brengt deze muziek opnieuw tot leven. Amuz biedt het publiek zo een zeldzame kans om het vocale werk van Scarlatti te ontdekken.
(c) Yves goes Classic
Scarlatti componeerde verschillende missen, die ondergebracht kunnen worden in twee duidelijk te onderscheiden categorieën. Enerzijds zijn er de missen in een moderne, concertante stijl, zoals de Mis in re majeur. Anderzijds zijn er de werken die geschreven zijn in de stijl alla Palestrina (deze stijl werd lange tijd beschouwd als het ideaal van de katholieke kerkmuziek). Van die laatste categorie is slechts één voorbeeld bewaard gebleven dat in Amuz wordt uitgevoerd: de Missa quatuor vocem, ook wel de Madrileense Mis genoemd. Zoals de titel suggereert, is deze mis vierstemmig geschreven. Het is een intens en verstild werk dat een rijkdom aan klankkleuren en expressie onthult. Ware balsem voor de ziel. En een kolfje naar de hand van de prachtige zangers, en de continuobegeleiding van Le Caravansérail.
Daarna volgt een ander religieus koorwerk, het Te Deum à 8, geschreven voor dubbelkoor. Net als de Madrileense Mis is dit werk gecomponeerd in de oude Palestrina-stijl. Het ensemble Caravansérail brengt een uitvoering die diep raakt en blijft nazinderen. Het blijft verwonderlijk dat deze muziek van Scarlatti’s hand is, een componist die zo vaak enkel met klaviermuziek wordt geassocieerd. Het besef dat hij zoveel verfijnde vocale werken heeft nagelaten, en dat een deel daarvan de tand des tijds heeft doorstaan, maakt deze ervaring des te waardevoller. Tegelijk blijft het een gedachte die licht weemoedig stemt, wetende dat ook veel van zijn muziek verloren is gegaan. Le Caravansérail brengt een beklijvende, haarfijne uitvoering. Je kan zien dat de muzikanten genieten van hun eigen optreden. Wat een klasse!
Tussendoor maken we kennis met de Klaviersonate in g, K 30, beter bekend als de Kattenfuga. De bijnaam roept een speels beeld op van een kat die over het klavier dartelt. In die zin lijken Scarlatti en zijn kat hun tijd vooruit te zijn geweest.
Het programma vervolgt met het Stabat Mater voor tien stemmen. Wat een adembenemend werk ontvouwt zich hier! Het stuk presenteert zich als rijk en gelaagd, waarin oude stijlelementen samensmelten met verrassende, voor die tijd vernieuwende wendingen. In de ingetogen interpretatie van Le Caravansérail lijkt de tijd stil te vallen, en worden we moeiteloos meegevoerd naar een wereld van eeuwen geleden. Bertrand Cuiller mag zich met recht en reden trots wanen bij een optreden van zo een hoge kwaliteit. Ik hoop Le Caravansérail heel snel terug te zien en te horen bij Amuz!
Reacties
Een reactie posten